Velen onder ons doorkruisen dagelijks Desteldonk op weg naar de J.F. Kennedylaan (R4). Dit langgerekte straatdorp is dan ook een toegangspoort naar Gent en het havengebied.
Wanneer ik “Wat te beleven in Desteldonk?” intik op Google, valt het me onmiddellijk op dat de indrukken die ik krijg bij het doorrijden van het dorp bevestigd worden. En meteen dien ik ook mijn geknor bij te stellen als zou de Zaffelaarse dorpskern zo dood zijn als een pier. Ondanks het ontbreken van horeca of andere zaken die buurten sociaal versterken, worden er nog tal van huizen bijgebouwd in Desteldonk. En waar nieuwe woningen verrijzen denk ik aan kinderen. Zo lees ik in het rapport “Oproep sociale cohesie en jeugd Desteldonk” uit 2022 dat er daar in de leeftijdcategorie 0-11 jaar 154 kinderen wonen en 68 tussen 12-17 jaar. En dit op een totaal van 888 inwoners.
Verder staat er: “Het georganiseerd jeugdwerk tijdens het laatste decennium is verdwenen. In 2011 was er de stopzetting van de Chiromeisjes, in 2012 volgden de KLJ-jongens als gevolg van geen investering in een jeugdlokaal. Sinds de verkoop van het schooltje in 2013 verdween ook de speelpleinwerking. Er zijn geen pogingen geweest tot herstart, jongeren dienen uit te wijken naar de randgemeenten.” Een jaarlijkse tractorenstoet rond de kerktoren of de doortocht van de Gentse Buitenband, hoe succesvol ook, verandert weinig aan het lot van dit slapende kanaaldorp. Of deze activiteiten jongeren aanspreken blijft de vraag. Ontwikkelen van sociale cohesie begint op vroege leeftijd, wil je “Wij van Desteldonk” meegeven aan de volwassenen van morgen.











