Gêne in het pashok

Sylvie
0 reactie(s)

Soms zie ik tijdens het zappen wel eens een programma van mensen die in een gênante situatie zijn terecht gekomen. Dan kijk ik met verbazing naar het scherm en denk ik " Maar allez! Hoe dom kan een mens zijn? Dat zag je nu toch al van ver gebeuren!".

Ik zweer plechtig en op mijn communiezieleken dat ik dat nooit meer zal denken. Het overkomt ons allemaal wel eens. Juist: het overkwam mij ook.

Ik was nogal gehaast onderweg om hier en daar boodschappen te doen. Met mijn legendarisch zwaar onderontwikkeld geduld had ik er al een kassa-aanschuif-sessie of 3 op zitten toen ik besloot om nog rap efkes een topje te halen dat past bij mijn tweedehands gekochte rok. Zo was ik gerust voor de feesten.

Ik haalde een en ander min of meer lukraak uit de rekken, als het maar zwart was. Uiteraard zijn er al hier en daar soldenprijsjes, dus uit dat rek ook maar iets meegegritst.
Eerst installeerde ik me in het pashok. Dat was best een werk van lange adem, gezien ik net 2 uit de kluiten gewassen pluchen pandaberen had gekocht en met pandaberen en al de klerenwinkel was binnengestapt. Nu ik eraan denk, was dat wellicht waarom de mensen raar keken, maar ik stond er toen niet bij stil. Balancerend met kapstokken vol pull en de pandaberen en mijn handtas en al leek ik wellicht op een uit de toon vallende kerstboom.

Omdat ik nogal gehaast was die morgen, had ik zomaar wat kleren aangetrokken. Onder mijn jas ziet dat toch geen mens. In de spiegel van het pashok zie ik hoe ik alle wetten van de gaande mode heb getart en ontdoe mij van het nodige om de pulletjes en het kleedje-in-solden te passen.

Pulletje 1 werkt best wel maar is duidelijk een maat te groot. (Ik vergat de maat te checken, dat gebeurt vaak, ik kijk gewoon naar het model of de stof, maar vergeet daarbij de maat te bekijken. Aandachtstekort, zeggen ze dan). Pull 2 gaat eigenlijk nog beter, ook verkeerde maat, maar dat is niet erg. Nu nog het kleedje.

Ik had het moeten weten. Met 2 voorgaande verkeerde maten, waarom zou het derde juist zijn? De pulletjes waren een maat (of 2) te groot, doch het kleedje wellicht eentje te klein. Niet getreurd, ik wring me in het kleedje, enkel om vast te stellen dat het me absoluut niet staat. Zelfs de panda's keken afkeurend.

Ik wil het kleedje uittrekken, maar er hapert wat. Er hapert veel. Wat ik ook doe, ik krijg het niet meer uit. Ik kan u niet vertellen welke manoeuvres ik allemaal heb uitgehaald, schoon waren ze niet, en niks hielp. Daar stond ik dus, buiten adem met een kleed half over mijn hoofd, mijn armen kompleet vast in de mouwen half boven mijn hoofd en met mijn eigen kledij dat niet om aan te zien was. Ik zag er een beetje uit gelijk een kerstkalkoen, denk ik, als je de billen naar boven houdt. Er zat niks anders op dan mijn hok te verlaten en hulp te vragen. Gênant. Zéér gênant.

Ik denk niet dat ik nog snel naar die winkel terug ga, en ik hoop dat de hulpvaardige verkoopster haar de door mij veroorzaakte traumatische stresssyndromen snel te boven komt.